Protocol hoofdluis

Inleiding

Aan dit protocol ligt de informatie van de GGD ten grondslag. Bij constatering van hoofdluis wordt de informatie vanuit de GGD aan het kind meegegeven. Wat een belangrijk punt is rond hoofdluis is dat het welbevinden van een kind in het oog gehouden moet worden. Van screeningsouders vraagt dat een rustige, vriendelijke benadering, ook als er hoofdluis geconstateerd wordt. Als een kind hoofdluis heeft is het belangrijk dat ook andere ouders van de groep worden geïnformeerd. Hierbij wordt de naam van het kind met hoofdluis niet genoemd.

Screeningsouders

Iedere leerkracht vraagt zelf in zijn/haar groep welke ouder dit zou willen doen. Mogelijk is dat een ouder die dat ook vorig jaar al heeft gedaan. Als het niet lukt een ouder te vinden overlegt de leerkracht met collega’s of er in een andere groep een extra ouder beschikbaar is. Eén van de screeningsouders neemt de rol van coördinator op zich. Zij is aanspreekpunt voor screeningsouders en team over algemene zaken rondom hoofdluis. In gevallen die de eigen groep betreffen wordt rechtstreeks met de screeningsouder van de eigen groep gecommuniceerd.

Screeningsouders werken in duo’s en controleren samen twee groepen(groep1/2 a en 1/2b, groep 3 en 4, groep 5 en 6, groep 7 en 8) om zo ook even samen te kunnen overleggen bij twijfel. Mogelijk is het ook gezelliger en kunnen ouders elkaar vervangen indien nodig.

Eén keer per jaar, in de eerste maand na de zomervakantie, komt de GGD schoolverpleegkundige een voorlichting geven over hoofdluis en de te volgen procedure voor de screeningsouders. Zij kan zo ook nieuwe screeningsouders instrueren. Tevens is het een mooi moment om alle screeningsouders te ontmoeten.

De coördinator legt hiervoor(samen met directie) contact met de schoolverpleegkundige.

De screening

Na iedere vakantie worden alle kinderen van de school gecontroleerd door de screeningsouders.

1. Er wordt een map aangelegd met checklists. Deze wordt bewaard in de kast van de teamkamer. De screeningsouders dragen en er zorg voor dat de lijsten worden ingevuld en weer terug gedaan worden in de map. Laat de lijsten niet rond slingeren na afloop van de controles.

2. Controleer op school na elke vakantie alle kinderen!

Dus niet alleen na de grote vakantie, maar ook na de herfst-, kerst-, voorjaars- en meivakantie. De coördinator Hoofdluis roostert dagen in voor controles en eventuele hercontroles en geeft dit door aan het luizenteam, de leerkrachten en de ouders. Licht,

voordat er een controle plaats gaat vinden op school, tijdig de ouders in, zodat zij hun kinderen op voorhand kunnen controleren.

3. Controleer grondig met de handen (plukje voor plukje) het gehele haar. Draag witte latex handschoenen en schenk extra aandacht aan plekken, zoals achter de oren, in de nek, in de paardenstaart, de pony en controleer dicht op de hoofdhuid. Is er hoofdluis geconstateerd bij een kind, vervang dan de handschoenen om eventuele besmetting bij andere kinderen te voorkomen.

Het vervolg

1. De screeningsouders hebben bij een kind hoofdluis/neten geconstateerd.

2. De leerkracht van het kind wordt geïnformeerd en het desbetreffende kind krijgt van de screeningouders een brief mee naar huis.

4. Indien een kind luizen heeft zal de hoofdluis coördinator naar de ouders bellen met het verzoek om het kind op te halen. Tevens krijgt het kind de brief mee met daarin de stappen van behandeling. Het kind kan gewoon op school komen. Als ouders niet in de gelegenheid zijn om hun kind direct op te halen overlegt de leerkracht met de screeningsouder/collega wat te doen.

3. Als de brief om 12.00/15.15 uur meegaat, controleert de conciërge of de leerkracht of er die middag wel een ouder thuis is.

5. De leerkracht van het kind verstuurt op de dag van constateren een e-mail naar alle ouders van de klas met de mededeling dat er hoofdluis is geconstateerd en dat er maatregelen zijn genomen. Daarbij de vraag of ouders hun eigen kind dagelijks willen controleren.

6. Binnen twee weken komen de screening ouders controleren of alle kinderen van de klas weer hoofdluis-vrij zijn. Mocht dat niet zo zijn dan neemt de leerkracht nogmaals contact op met de ouders. Er zullen dan duidelijke afspraken gemaakt worden.

Indien je als leerkracht zelf het vermoeden hebt dat een kind hoofdluis heeft, of als dat door een kind of ouder wordt gemeld, neem dan contact op met de screeningsouder van je groep. De screeningsouder communiceert het met de coördinator. Mocht zij niet te bereiken zijn meld het dan bij de coördinator .

Luizenzakken

Om bovenstaand probleem zoveel mogelijk te voorkomen heeft elk kind een luizenzak waar de jas altijd in moet worden opgehangen. Als de luizenzak kwijt is kan een nieuwe gekocht worden bij de conciërge. Als ouders geen luizenzak willen kopen moeten ze zelf zorgen voor een plastic tas waarin de jas kan worden opgehangen. Leerkrachten zien er op toe dat alle jassen in een luizentas/plastic tas zitten.